‘Laat mij maar lekker buiten werken,
zonnetje erbij, radiootje aan en schilderen!

Sven Vermeulen (19) volgt de Schildersopleiding Niveau 2 en staat vaak op de steiger in de Amsterdamse binnenstad

‘Schilderen leer je niet uit een boek, maar door het te doen.’ Sven Vermeulen (19) begon op zijn 14de met schilderen en leerde veel van collega’s. Nu hij de schildersopleiding bij Bouwmensen (Schildersvakopleiding Noord-Holland) doet, staat hij nog steeds vooral op de steiger. Maar ook theorie die hij op de opleiding meekrijgt is handig. Sven: ‘Ik hoef nu niet alles meer te vragen en vertrouw meer op mijn eigen kennis’.

Waarom vind je schilderen zo’n tof vak?

‘Als je schildert ben je altijd bezig om iets mooi te maken. Je ziet meteen het resultaat van je werk. Sommige schilders vinden vooral het schilderen leuk. Zelf ben ik net zo graag aan het schoonmaken, schuren, gronden, voorwerken, plamuren of kitten. Pas als je daar ook verstand van hebt, kun je jezelf echt schilder noemen.’

Hoe ben je in het schildersvak beland?

‘Ik begon met schilderen toen ik 14 was. Op de praktijkschool moest ik eerst een maatschappelijke stage doen. Dat had nog niks met schilderen te maken, het ging vooral om leren werken in een bedrijf. Toen dat goed ging, mocht ik een eigen stageplek gaan zoeken. Schilderen zat al een tijdje in mijn hoofd. Ik besloot het gewoon te proberen. Inmiddels ben ik bijna 5 jaar met het vak bezig.’

“Schilderen leer je niet uit een boek,
maar door het te doen.”

Je zit 1 dag in de klas en 4 dagen ben je aan het werk. Blij mee?

‘Ja! Ik ben meer een doener dan een denker. Schilderen is echt een vak dat je in de praktijk leert. Bij het eerste bedrijf waar ik werkte, zaten sommige collega’s al 35 jaar in het vak. Van die mensen heb ik veel geleerd. Nu krijg ik ook veel theorie op de opleiding. Sommige schilders kunnen ook glaszetten en behangen. Het is maar net hoe ver je je wilt verdiepen in het schildersvak. Zelf wil ik het liefst zo veel mogelijk leren. Frezen bijvoorbeeld, zodat ik straks ook houtrot weg kan zagen uit kozijnen en er nieuw hout in kan zetten.’

Wat vind je boeiend de theorie?

‘Je wordt er wijzer van. Ik weet veel meer dan voorheen. Daardoor hoef ik niet elk dingetje meer te vragen aan een collega. Ik vertrouw nu meer op mijn eigen kennis. Maar theorie is niet alles, hoor. Uit een boek kun je niet leren schilderen. Om echt goed te worden, moet je het gewoon veel doen. De praktijk is het belangrijkst.’

Waar moet een schilder goed in zijn?

‘Als schilder moet je goed vooruit kunnen denken. Vroeger was ik daar nooit zo’n kei in, maar nu ik bij Bouwmensen ook de theorie leer, gaat dat veel beter. Plannen is belangrijk. Je moet rekening houden met het weer en de luchtvochtigheid en verstand hebben van materialen. Je kunt niet klakkeloos iets op de muur smeren en maar hopen dat het goed opdroogt. Een goede schilder steekt veel liefde en aandacht in zijn werk. Als je secuur werkt, lever je het mooiste resultaat.’

“Een goede schilder steekt veel
liefde en aandacht in zijn werk.
Als je secuur werkt,

lever je het mooiste resultaat.”

Wat is er nog meer belangrijk als je aan het werk gaat in dit vak?

‘Het is handig als je een beetje kunt communiceren met mensen. Naast goed schilderwerk, moet je ook zelf een goede indruk achterlaten bij klanten. Sociaal ben ik sterk en ik ben een makkelijke prater. Vroeger was ik weleens van slag als ik kritiek kreeg die een beetje hard overkwam. Daar ben ik nu anders in. Ik haal makkelijker mijn schouders op. Je leert vanzelf om je niet als een softie op te stellen.’

Waarom heb je gekozen voor Bouwmensen?

‘Toen ik besloot dat ik een schildersopleiding wilde doen, schreef ik me in op twee scholen. Op het ROC en bij Bouwmensen. Daarna heb ik de voor- en nadelen van beide scholen op een rijtje gezet. Bouwmensen gaf meer zekerheid bij het vinden van een leerbedrijf. Ze hebben een groot netwerk en helpen je met zoeken als je er zelf niet uitkomt. Ik had die hulp niet nodig, want ik ben via via bij Zaanstad Schilderwerken BV terechtgekomen. Maar het is fijn dat je de zekerheid hebt dat je altijd ergens terecht kunt.’

Wat vind je het leukst om te doen?

‘Amsterdamse monumentale panden schilderen voor een organisatie die in binnensteden oude panden opknapt. Je staat op de steiger midden in de stad. Er is altijd veel reuring om je heen. Ook het werk zelf is leuk. Het schilderwerk is dof geworden en soms is de verf helemaal losgebladderd. We hebben een keer een hoekpand van vijf verdiepingen in de Kerkstraat geschilderd. Een maand waren we bezig, maar toen het eenmaal af was glansde het als ik weet niet wat!’

Hoe ziet je werkdag eruit?

‘Mijn wekker gaat om half 6. Op mijn scooter rijd ik naar de plek waar we hebben afgesproken. Om 6.30 uur rijden we samen naar de klus. We beginnen altijd met een bakje koffie. Om 7.00 uur gaan we aan de slag en om 15.30 uur stoppen we. In de zomer zijn we vaak buiten aan het werk. In de winter schilderen we vaker binnen. Sporthallen bijvoorbeeld. Of we geven de klaslokalen op een school een opknapbeurt. Ik heb ook weleens een supermarkt moeten schilderen. Met 60 man die winkel in en zorgen dat je in twee weken klaar bent. Dat soort chaotische klussen vind ik iets minder, maar het hoort erbij. De week daarop sta je weer in een huis en maak je iemand blij met opgefriste wanden en kozijnen. Die variatie vind ik leuk.’

Verdien je al een salaris als leerling-schilder?

‘Ja. Als leerling krijg ik ongeveer een minimumloon. Je verdient dus nog niet zo veel als een ervaren schilder, maar je werkt ook gewoon hard en daar word je voor betaald.’

Hoe rooskleurig zie jij de toekomst als schilder?

‘Ik denk heel vaak aan mijn toekomst! Misschien ga ik in dienst bij een schildersbedrijf, maar een eigen bedrijf lijkt me ook wel wat. Al moet ik nog wel uitvogelen hoe dat precies werkt. Daar komt best wel veel bij kijken en je werk gaat altijd door. Ik ben er van overtuigd dat je als schilder altijd werk hebt. Kijk, we kunnen nu wel massaal met z’n allen de ICT in gaan, maar zonder bouwmensen ben je nergens.’

Wat zijn de voor- en nadelen van het vak?

‘Je moet altijd rekening houden met het weer. Gaat het regenen, of komt er juist veel zon? Hoe hoog is de luchtvochtigheid? Verder zie ik eigenlijk alleen maar voordelen. Je maakt dingen weer mooi en dat geeft voldoening. Het bedenken hoe je het schilderwerk aan gaat pakken, vind ik ook leuk. Het grootste voordeel is dat je met je handen werkt. Sommige mensen zijn gewoon niet gemaakt om te werken op een kantoor. Daar ben ik er een van. Laat mij maar lekker buiten werken, zonnetje erbij, radiootje aan en schilderen!’

SCHRIJF JE IN VOOR EEN OPLEIDING BIJ BOUWMENSEN KZW